Heb je bitcoin, ether of een andere cryptomunt, dan moet je die opgeven in je belastingaangifte. Veel mensen twijfelen over hoe dat precies werkt. Welke koers gebruik je, wat als je munten op meerdere platforms staan en moet je ook iets doen met munten die je in de loop van het jaar hebt verkocht?
In dit artikel lees je in vijf stappen hoe je crypto aangeeft in box 3. De uitleg is bedoeld voor particulieren die crypto als belegging aanhouden. Bedragen en percentages veranderen jaarlijks, dus check altijd de actuele cijfers bij de Belastingdienst voordat je je aangifte indient.
Stap 1: bepaal of je crypto in box 3 hoort
Voor de meeste Nederlanders valt crypto in box 3, het vermogen uit sparen en beleggen. De Belastingdienst ziet cryptomunten als overige bezittingen, vergelijkbaar met beleggingen. Je betaalt dan geen belasting over de koerswinst bij verkoop, maar over een verondersteld rendement op je vermogen.
Er zijn uitzonderingen. Ben je actief op een manier die verder gaat dan normaal vermogensbeheer, bijvoorbeeld als je intensief handelt met specialistische kennis of op grote schaal mint, dan kan je inkomen in box 1 vallen. Twijfel je daarover, overleg dan met een belastingadviseur.
Stap 2: kijk naar de peildatum van 1 januari
Voor box 3 telt alleen de waarde van je bezittingen op 1 januari van het belastingjaar. Doe je aangifte over 2024, dan kijk je dus naar wat je op 1 januari 2024 bezat. Wat je daarna kocht, verkocht of ruilde, speelt voor die aangifte geen rol.
Dat maakt het in de praktijk overzichtelijk. Heb je in maart al je munten verkocht, dan geef je ze voor dat jaar toch op, omdat je ze op de peildatum nog had. Het geld van de verkoop verschijnt pas in de aangifte van het jaar erna, als het op 1 januari op je rekening staat.
Stap 3: bereken de waarde van je crypto
Je geeft de waarde in het economisch verkeer op. Simpel gezegd: wat je munten op 1 januari in euro’s waard waren. Gebruik de koers van het platform waar je munten staan, of een betrouwbare koerssite. Kies één bron en wees daar consistent in, en bewaar een schermafbeelding of export als bewijs.
Maak een lijst van alle plekken waar je crypto hebt staan. Wil je eerst meer weten over hoe verschillende coins en wallets werken, dan vind je achtergrondinformatie voor beginners op prinscrypto.nl. Vergeet bij je overzicht deze plekken niet:
- Exchanges en handelsplatforms
- Hardware wallets en software wallets
- Munten die vastgezet zijn voor staking
- Tokens in DeFi-toepassingen of liquiditeitspools
Stap 4: vul het in bij de juiste rubriek
Log in op Mijn Belastingdienst en open je aangifte inkomstenbelasting. Bij het onderdeel over bezittingen kies je voor andere bezittingen en vervolgens voor cryptovaluta. Daar vul je per platform of wallet de waarde op 1 januari in. Je hoeft niet elke munt apart te vermelden, al kan dat wel helpen voor je eigen administratie.
Heb je een fiscale partner, dan kun je samen bepalen hoe je het vermogen verdeelt. Dat kan gunstig zijn, omdat ieder van jullie recht heeft op een heffingsvrij vermogen. Pas boven dat bedrag betaal je box 3-belasting. De Belastingdienst gaat voor overige bezittingen uit van een vast rendementspercentage, waarover vervolgens het box 3-tarief geldt.
Stap 5: controleer, bewaar en denk aan het werkelijk rendement
Loop je aangifte na voordat je hem verstuurt. Klopt de koers, staan alle wallets erin en heb je geen dubbele posten? Bewaar je overzichten en exports minstens zeven jaar. Platforms zijn de afgelopen jaren vaker verplicht gegevens met de Belastingdienst te delen, en door Europese regels gaat dat in de komende jaren verder toenemen. Een goede administratie voorkomt vragen achteraf.
Was je werkelijke rendement lager dan het rendement waar de Belastingdienst mee rekent, bijvoorbeeld omdat de koers flink daalde? Dan kun je onder voorwaarden aantonen wat je echt verdiende en mogelijk minder belasting betalen. Daarvoor heb je wel een nauwkeurige berekening nodig van je waarde aan het begin en eind van het jaar, plus eventuele opbrengsten zoals stakingbeloningen.
Op tijd beginnen scheelt stress
Crypto aangeven is minder ingewikkeld dan het lijkt zodra je weet dat alleen de stand op 1 januari telt. Verzamel je gegevens ruim voor de deadline van 1 mei, noteer de koers die je gebruikt en houd je wallets overzichtelijk. Dan ben je volgend jaar binnen een kwartier klaar en weet je zeker dat je aangifte klopt.
